Het imago van Vincent van Gogh

Dat Vincent van Gogh een fenomenaal schilder is, is wereldwijd bekend. De tentoonstellingen van zijn werken worden druk bezocht. Zijn schilderijen zijn van onschatbare waarde. Wat weten we nu eigenlijk over deze schilder zelf? Er lijkt zo’n duidelijk beeld van hem te zijn. Klopt dat beeld wel?

Zijn imago: een ingetogen, in zichzelf gekeerde man zonder sociale contacten, zwaarmoedig, grillig, expressief, explosief, veeleisend, eigenzinnig, recalcitrant en overgevoelig. In het Noordbrabants Museum wordt de mens Van Gogh belicht door correspondentie, verhalen en publicaties van zijn vrienden, familie en modellen. Het beeld over hem wordt dan genuanceerder.

Vincent van Gogh kwam uit een hecht domineesgezin. Zijn ouders voedden hun kinderen liefdevol op. Het gezin was geliefd in het dorp. Samen delen, betrokken zijn bij de medemens, naastenliefde, zorgzaamheid en liefde voor natuur en cultuur werden meegegeven in de opvoeding. De ouders verwachtten van hun kinderen dat ze opklommen op de maatschappelijke ladder. Bovendien had zo’n gezin in die tijd een voorbeeldfunctie in het dorp. Vincent zal zich daar later tegen gaan verzetten.

Vincent had een 4 jaar jongere broer Theo. Hij werkte bij een kunsthandel. Theo was een zorgzaam en zachtaardig persoon. Hij ontfermde zich over Vincent. Hij adviseerde Vincent om kunstenaar te worden. De band was hecht. Theo ondersteunde hem ook financieel in de beginjaren.

Aanvankelijk had Vincent grote bewondering voor zijn vader en diens roeping als dominee. Hij sloeg echter door in vroomheid en gaf al zijn bezittingen weg. Zijn vader vond het geloof bij zijn zoon veel te ver gaan. Na een mislukte poging om in zijn vaders voetsporen te treden, liet Vincent het traditionele geloof los en groeiden ze uit elkaar. Theo werd de oogappel van zijn ouders want hij kreeg zijn maatschappelijke carrière wel op de rit.

Vincent besloot om in augustus 1880 kunstenaar te worden in Brussel. Het was echter moeilijk voor hem om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien dus keerde hij in april 1881 terug naar zijn ouderlijk huis. Zijn ouders vingen hem liefdevol op maar er ontstonden spanningen. Uiteindelijk liep een conflict zo hoog op dat Vincent weer vertrok. Hij weigerde namelijk om met kerst naar de kerk te gaan.

Eind januari 1882 ontmoette Vincent Sien Hoornik. Ze poseerde regelmatig voor hem. Sien was een voormalig prostituee en bij hun eerste ontmoeting was zij in verwachting van haar tweede kind. Ruim een jaar woonden zij samen. Van Gogh vond het gezinsleven een zeer fijne periode en genoot enorm van de kinderen. Uiteindelijk liep de relatie stuk en trok Van Gogh weer in bij zijn ouders. Maar hij onderhield wel contact met Sien en de kinderen. Hij zou het gezinsleven altijd enorm missen.

5 december 1883 keerde hij voor het eerst weer terug naar zijn ouders na de heftige ruzie over het kerkbezoek tijdens de kerst. Zijn ouders boden hem weer onderdak en beloofden hem vrij te laten. Ook wat betreft zijn zonderlinge kleding. Vincent voegde zich echter niet naar hun status en leefwijze. Op 24 november 1885 vertrok hij voorgoed. Hij zou, met uitzondering van Theo, zijn familieleden nooit meer terugzien. Later zou van Gogh spijt krijgen van zijn harde opstelling tegenover zijn ouders.

In 1886 trok Vincent in bij Theo in Parijs. In Parijs sloot hij vriendschappen met andere kunstenaars. Deze vriendschappen kenmerkten zich door wederzijdse bewondering en beïnvloeding van elkaars werk. Met veel kunstenaars bleef hij altijd intensief corresponderen.

Vincent had in Parijs enige tijd een relatie met de Italiaanse Agostina Segatori. Zij was voormalig model en eigenaresse van het Café du Tambourin, waar Vincent tentoonstellingen organiseerde.

Tijdens zijn inwoning in Parijs kreeg de zachtaardige Theo moeite met de uitbarstingen en felle discussies van zijn broer. Maar toen Vincent was vertrokken, mistte Theo hem vreselijk. Niemand kende Vincent beter dan Theo.

In 1884 werd Vincent verliefd op zijn buurmeisje Margot Begeman en zij kregen een geheime relatie. Als die relatie zou uitkomen, dreigde er schande. Vincent wilde met haar trouwen maar beide families keurden dat af. Dat najaar deed Margot een zelfmoordpoging. Vincent informeerde later naar haar welzijn.

In 1888 vertrok Vincent uitgeput naar het Zuid-Franse Arles. Hij ging in het Gele Huis wonen. Zijn wens was om daar te wonen en samen te werken met een aantal kunstenaars. Eind 1988 verbleef Paul Gauguin bij hem. Ze werkten intensief samen en discussieerden over kunst. Eén discussie liep zo hoog op dat Vincent in een opwelling zijn eigen linkeroor afsneed. Buurtbewoners zorgden ervoor dat Van Gogh na dit incident zijn huis niet meer in kon. Zij tekenen daarvoor een petitie. Maar het echtpaar Ginoux, eigenaren van een café in Arles ondertekenden deze petitie niet. Vincent had hun café geschilderd en toen Marie Ginoux ziek werd, maakte hij vijf nieuwe versies van haar. Dit echtpaar ontfermden zich over zijn huisraad.

Na deze heftige reactie van Vincent had hij zich begin 1890 vrijwillig laten opnemen in een psychiatrische inrichting. Gauguin bleef met hem corresponderen net zoals veel andere vrienden en familieleden. Joseph Roulin was entrepotbeheerder in Arles. Alle correspondentie ging door zijn handen. Hij kwam vaak op ziekenbezoek in de inrichting en paste op het Gele Huis.

In 1890 verliet Vincent de inrichting en ging in Auvers-sur-Oise wonen, niet ver van Paris. Zijn arts Paul Gachet hield een oogje in het ziel. Zij werden zeer goede vrienden. Vincent werkte echter als een bezetene en pleegde 27 juli 1890 zelfmoord.

Na zijn dood droegen vrienden van Vincent de baar. Tientallen hartverwarmende condoleancebrieven van familieleden, vrienden en kunstenaars werden naar zijn familie gestuurd. Hij werd een ware vriend genoemd en velen roemden zijn werk.

We zien in de tentoonstelling mooie werken van personen die in zijn leven een belangrijke rol speelden. Bovendien wordt er de originele correspondentie tussen Vincent en zijn familie en vrienden getoond.

Door deze invalshoek te kiezen laat het museum het beeld wat wij hebben over Vincent van Gogh enigszins kantelen. Vincent was elf keer verhuisd tussen 1880 en 1890 en overal werd hij opgenomen in de gemeenschap. Hij sloot vriendschappen met mensen waarmee hij ook na zijn verhuizing contact hield. Mensen met heel verschillende achtergronden: kunstenaars, modellen, buren en dorpsgenoten.

We zien een kunstenaar die worstelde met het leven, zoals we kennen van zoveel kunstenaars. Vaak resulterend in onverzettelijkheid en weerstand. Maar we maken ook kennis met een hoog begaafde kunstenaar, zowel op artistiek gebied als op intellectueel gebied. Gevoelig, goedaardig, betrokken en begaan met de medemens. Zoekend naar verdieping, perfectionistisme en betrokkenheid. Discussies voerde hij op het scherpst van de snede. Zeer moeilijk kon hij echter omgaan met kritiek op zijn werk en als hij werd beknot in zijn vrijheid.

Vincent van Gogh aan zijn vriend Paul Signac: “De beste troost, zo niet de enige remedie, is volgens mij nog steeds innige vriendschappen, zelfs al hebben die het nadeel dat zijn ons hechter aan het leven binden dan ons in dagen van groot lijden wellicht wenselijk lijkt.”

De tentoonstelling “Van Goghs intimi” is te zien in het Noordbrabants Museum in ’s-Hertogenbosch t/m 12 januari 2020.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *